Hé, dat wist ik niet...

Tips en wetenswaardigheden
Gebruik het vaartips-zoekveld wanneer je iets niet kunt vinden.
Geen zoekveld? Klik dan op het huisje (home) rechtsboven.

O

Oculus
De ster die je wel ziet op de boeg van klassieke schepen is een oculus. Oculi kwamen reeds voor op schepen uit de oudheid, maar dan als oog, cirkel of halve maan. De verklaring zou kunnen zijn dat het goddelijk oog er voor zorgt dat het schip beter de weg zou vinden (Egypte), een amulet tegen het boze oog (India), het schip als vis, dus ziende (China) of het schip een persoonlijkheid zou toekennen (eiland Gozo). De ster, een vijfpuntige (pentagram) of zespuntige (hexagram), zou voortkomen uit een Duits oud volksgeloof. Aan het magisch figuur werden door de Druden en Saksen speciale krachten toegeschreven. Het komt er in ieder geval op neer dat oculi geluk brengen en kwaad afweren. Volgens overlevering gaf de schipper met een vergulde oculus aan dat hij met afbetaald spul voer.
Olie verversen Zie "motor" bij  winterklaar maken.
Oliekoeler Het motorblok in de boot wordt niet zoals bij een auto mede gekoeld door rijwind langs de carterpan. Bij zwaardere motoren wordt dan ook gebruik gemaakt van een aparte oliekoeler die is opgenomen in het koelwatercircuit. Bij sommige keerkoppelingen dient de olie ook gekoeld te worden. Het koelsysteem van je boot kan dus uitgevoerd zijn zonder oliekoeler, met één oliekoeler voor motor of keerkoppeling, of met twee koelers voor motor én keerkoppeling. De werking berust op het principe van een warmtewisselaar (intercooler).
Omhoog Omhoog lopen, varen of zitten, maar ook geboeid raken of zitten, verleken zijn, of voor een eeken zijn of zitten. Uitdrukkingen voor aan de grond lopen en aan de grond zitten. Met "omhoog varen" wordt ook wel stroomopwaarts varen (bergvaart) bedoeld.
Omrekenen Kijk voor het omrekenen van de meest gebruikte nautische lengtematen bij schippers maatlat. Ook voor oude maten en gewichten. Verder een verwijzing naar de site van Lenntech voor conversie van veel (hedendaagse) maten, gewichten, volumes, etc. Klik hier voor omrekenen van pk naar kw of omgekeerd.
Omvormer Met behulp van een omvormer kan je het 12/24 volt boordnet omzetten naar 230V wisselstroom. Het voordeel is dat je dan gebruik kan maken van gewone huishoudelijke apparaten. Omvormers zijn uitgesproken duur in aanschaf en vragen een hoge ingangsstroom (accucapaciteit), waarbij de geleverde wisselspanning nog niet voldoet aan hetgeen thuis uit het stopcontact komt. Gevoelige apparatuur en elektromotoren zoals in een compressorkoelkast willen het nogal eens af laten weten omdat de benodigde wisselfrequentie exact op 50Hz met een zuivere sinusvorm moet liggen. Natuurlijk zijn er omvormers die daaraan voldoen, maar denk dan aan een investering die het dubbele tot vijfvoudige is van een eenvoudig niet gestabiliseerd exemplaar. N.B. Sommige leveranciers spreken over een "gemodificeerde sinus" of "quasi sinus". Let op: dit is geen zuivere sinus, dus geen zuivere koffie, want ze zijn ongeschikt voor een Senseo, welke een echte sinus nodig heeft. Hetzelfde geldt voor sommige notebooks (laptops). Er zijn zelfs apparaten die defect kunnen raken door een gemodificeerde omvormer. Denk aan snelladers die accu’s voor diverse handige doe het zelf apparatuur in zeer korte tijd vol laden en laders van invalidewagens, medische apparatuur en de meeste electrische tandenborstels.
Vertel bij twijfel aan je leverancier wat je wilt aansluiten, zodat hij kan adviseren welke graad van stabilisatie noodzakelijk is en/of download het e-book van VDP, een bedrijf dat betaalbare sinusomvormers levert.
Dan het verbruiksrekensommetje. De accucapaciteit dient 20 % van het vermogen van de omvormer te bedragen. Dus een omvormer van 850 VA (Watt) - en dat is echt een kleintje - vraagt een accucapaciteit van 20 % x 850 = 170Ah., waarbij de omvormer stopt als de accuspanning onder de 10 Volt komt. De 850 Watt zal dus niet veel meer dan een uurtje geleverd worden bij een volle accu. Verder dien je er rekening mee te houden dat de aangesloten omvormer zonder verbruiksapparatuur toch stroom verbruikt en dat de stroomdraden van accu naar omvormer zeer dik moeten zijn. Vuistregel: opgenomen stroomsterkte in ampère gedeeld door drie is draaddoorsnede in mm. Verwant: acculader, aggregaat.
Onderhoud

Verzamelde tips uit ons Varen4U forum.
Bovenwaterschip: roestvrij houden door regelmatig beginnende roestplekken en beschadigingen te lijf te gaan met schuren en/of krabben. Zie trefwoorden roest en vliegroest.
Slijpwerkaamheden aan je zeil- of motorboot dienen zorgvuldig voorbereid te worden. De wegspuitende gloeiende staaldeeltjes kunnen een drama tot gevolg hebben. Slijp nooit naast een ander schip, ook geen polyester schip, tenzij je de "buurman" volledig afgedekt hebt. Op veel werven is doe-het-zelf slijpen zelfs verboden. Dek ook op je eigen schip alles buiten de slijpplek goed af. Na afloop is het verstandig het gehele schip met ruim water af te spoelen en reeds na enkele uren te controleren op vliegroest.
Een goede tip om boorslijpsel te voorkomen is het gebruik van een magneet. Stop een magneet in een boterhamzakje en leg/kleef hem naast het te boren gat. Alle slijpsel zal tegen het zakje plakken. Denk er aan dat het boortje (tijdelijk) ook magnetisch wordt. Roestvorming bij dekdoorvoeren en boutbevestigingen kan voorkomen worden door het gebruik van siliconenvet. Klieder niet, want het is beroerd te verwijderen. Dit vet is ook aan te bevelen bij elektrische contacten en is te koop bij duiksportwinkels.
Dekbeslag: voor waterdichte afsluiting van dekbeslag kan het beste een professionele kit als 3M™ gebruikt worden. Na aanbrengen nog niet muurvast draaien; uitgewelde kit rustig laten zitten, vooral niet gaan vegen. Eerst de kit wat laten opstijven en dan pas natrekken en wegsnijden.  Gebruik nooit goedkopere kit uit een bouwmarkt! Het spul is niet geschikt voor nautisch gebruik. Goede alternatieven zijn: Sikaflex nummer 291 of 292, MS-Polymer van D'arc Loyal en de kitten van Wurth. Sikaflex 292 kan uitstekend gebruikt worden als "lijm" voor luiken en zonnepanelen, hoewel het na verloop van tijd bikkelhard wordt. Pas op met siliconenkit; het is niet overschilderbaar. Leverancier North Star Products claimt dat polyurethaan kitten als 3M en Sikaflex verwijderd kunnen worden met Un-Hesive.
Raamrubbers: raamrubbers en andere rubber onderdelen, zoals pompmembranen en ruitenwisserbladen kunnen zacht en soepel gehouden worden door ze eenmaal per jaar licht in te smeren met glycerine. Caravanverkopers adviseren paraffine-olie of... babyshampoo. Oudere reeds verweerde raamrubbers kunnen tijdelijk opgepept worden met polytrol. Het middel werkt alleen op poreuze ondergronden. Op nieuw rubber zal het dus niets doen - niet intrekken en conserveren - en slechts een schilferende filmlaag achterlaten.
Lakbeschadiging: als door b.v. een aanvaring de laklaag (stalen schip) in diepte is beschadigd probeer dan de zaak met zwaar schuren weer vlak te krijgen. Daarna goed in de ijzermenie of een moderne primer en aflakken in minimaal 2 lagen van de juiste kleur. Het fameuze Hammerite is minder praktisch omdat het pas na 6 weken overschilderbaar is. Gebruik plamuur alleen als het echt niet anders kan en dan een epoxy-plamuur en geen polyester plamuur, want die bevat het scherpe oplosmiddel styreen en is bovendien hygroscopisch (de zgn. staalplamuur of autoplamuur is polyesterplamuur).
Door schade en schande wijs geworden gebruikt de schipper voor de afwerking alleen nog maar "SuperGloss" van Sikkens. Deze verf werkt voor amateurs gemakkelijk, geen sinaasappeleffect met de roller, goed krasbestendig en wordt niet zo bikkelhard dat bij beschadiging de scherven er vanaf springen.

Gelcoat: gelcoat kun je het beste schoonhouden door eerst te polijsten met een cleaner en daarna goed in de was te zetten met bv Turtlewax. Hierna is het eenvoudig schoon te houden met een autoshampoo van b.v. Halfords. Het verschil met bootshampoo zit 'm alleen in de prijs en het plaatje op de fles. Gele aanslag maak je het makkelijkst schoon met schoonmaakazijn of een halve citroen. Het gele is een kalkaanslag en op deze wijze gemakkelijk te verwijderen. Dan nog een tip: Dasty van de Wibra, de gele ontvetter. Deze staat altijd in grote dozen bij de kassa en is echt geweldig voor allerlei vlekken.
Kabelaring: voor het verwijderen van groene aanslag komt een willekeurige "groene aanslag verwijderaar" in aanmerking. Je hoeft niet bang te zijn voor schade aan het millieu. Zulke middelen zijn in Nederland niet toegelaten. Gebruik een verdunning zoals op de verpakking staat aangegeven en meng het niet met zeep, want dat neutraliseert de werking. Breng het op met een plantenspuit en laat het zo'n dag of twee inwerken. Daarna de zwart geworden aanslag met een krachtige waterstraal wegspoelen en -borstelen. Liever geen hogedrukspuit, die beschadigt de touwvezels.
Teakdek: gebruik voor het reinigen van teakdekken bij voorkeur alleen water en wat zachte zeep en dweil met een mop. Een harde borstel alleen in uitzondering. Je loopt n.l. het risico dat het "zacht" tussen de nerven wordt weggeborsteld en een grove structuur overblijft. Een hogedrukspuit is al helemaal uit den boze. Zogenaamde "teakcleaners" zijn ook niet aan te bevelen. Ze bevatten maar al te vaak middelen die de kit week of los maken. Forumlid Wijnand heeft goede ervaring met Biotex en dan m.n. die voor de witte was. Hij vat de ervaring voor onderhoud van gelcoat en teak bondig samen: "Met autoshampoo van Halfords, groene zeep en Biotex uit de supermarkt en een fles Dasty van de Wibra heb je genoeg voor je hele boot. Beduidend goedkoper dan de producten uit een watersportzaak...."
Onderwaterschip: het onderwaterschip werd vroeger het best in conditie gehouden met koolteer. Uit milieu overwegingen is het gebruik niet meer toegestaan. De giftige pak's kunnen bij vis gezwellen veroorzaken. Wist je overigens dat verse teervlekken goed te verwijderen zijn met echte boter of zonnebrandcrème? De teervervangende middelen zijn tot op heden niet geweldig. De hechting is ronduit slechter dan bij teer met als gevolg meer onderhoud. De schipper heeft wel goede ervaring met "UnderwaterPrimer" van Epifanes. Dat is een zilverkleurige substantie met een redelijke hechting op oude teerlagen. Je moet het minimaal 4x aanbrengen in dikke lagen, een hoop werk, vrij duur, maar je bent voor jaren klaar. In de beroepsvaart wordt wel Himaxon KS als alternatief gebruikt, dat ook zo over de oude teerlaag heen kan worden gesmeerd. Het ziet er uit als teer, de werking is goed, maar binnenschippers zijn niet zo enthousiast omdat het na een tijdje grijzig wordt. Het is alleen in de professionele handel te verkrijgen. Primocon III van International en Bottomcoat CR van Sikkens zijn volgens gebruikers het beste voor kale rompen. Een nieuwe ééncomponent onderwaterprimer is Hempatex Bottomcoat CR van Hempel, o.a. verkrijgbaar bij jachtverf.nl. De coating op basis van chloroplastische rubberhars is volgens de leverancier prima te verwerken bij lagere temperaturen en geeft goede dekkracht en een snelle droogtijd, 2 lagen per dag zijn mogelijk.
Aangroei: tegen aangroei (vooral op zout water) kan worden afgewerkt met een antifouling van liefst hetzelfde merk. Een nieuw product is ecoSOLID. Deze tweecomponenten coating geeft volgens de fabrikant als alternatief voor antifouling een prima bescherming tegen corrosie en osmose. De coating is zeer hard in combinatie met flexibiliteit. De aangroei is door het gladde oppervlak eenvoudig te reinigen. Het zou hechten op staal, aluminium, polyester, gelcoat, hout en oude verflagen. Uit een test in Waterkampioen nr 5 van maart 2003 blijkt echter dat de hechting valt of staat met de kwaliteit van de ondergrond. Op oude teerlagen, antifouling, of een ééncomponentensysteem hecht het spul voor geen meter en is volgens de WK dan ook weggegooid geld. Op een tweecomponentenepoxysysteem (scrabbelwoord) werkt het prima, maar dat zal op oudere schepen zelden het geval zijn. Voor afdichting van huiddoorvoeren onder water is de eerder bij het bovenwaterschip genoemde afdichtingskit van 3M™ of Sikaflex aan te bevelen.

kit op deze wijze aanbrengen

antifouling goed weggeschuurd

Kijk verder voor onderhoud ook bij winterklaar maken en schilderen en temperatuur.
Verwant: laswerkzaamheden.
Een uitstekend boekje over onderhoud en winterklaar maken is in 1987 uitgegeven bij Hollandia: Foeke Roukema; Handboek onderhoud voor zeil- en motorjachten, ISBN 90 6045 520 7
Onderkoeling Onderkoeling van het menselijk lichaam is erg gevaarlijk en begint snel. In water koelt het lichaam 20 keer sneller af dan in lucht. Gevaar voor onderkoeling begint al bij langer verblijf in water met een temperatuur van minder dan 15°C. Normale handelingen kunnen bij een lichaamstemperatuur van rond 35°C niet goed meer worden verricht (rillen, klapperende tanden, trillende handen). Bij 29°C treed bewusteloosheid in en bij ongeveer 27°C volgt de dood. Kijk voor een duidelijke uitleg van hypothermie op de site van het ZID. Je vindt er o.a. tabellen met overlevingstijden, temperatuureffecten, overlevingskansen en zelfs een overlevingstijdformule. Maar kijk ook op de Vaar Veiligheidstips van V3ON, waar minder optimistische tijden worden gehanteerd. Verder bracht de KNRM in oktober 2003 in de serie Zeevast (preventie van watersportongevallen) de folder "Gelukkig kan ik het nog navertellen..." uit. Het is een wegwijzer m.b.t. het voorkomen en bestrijden van onderkoeling in de watersport.
Onderkoeling in de natuur kan ook problemen opleveren. Het is de toestand dat een stof bij een temperatuur lager dan het stolpunt toch vloeibaar is, maar direct stolt bij een geringe wijziging van de situatie. Frank Jansen vertelde op de nieuwsgroep scheepspraet het volgende: "Gisteren kwam ik aan boord voor een controle want het had hier al enige nachten behoorlijk gevroren. Ik had de waterleiding nog niet afgetapt. Op tafel stond een bakje water ter controle. Dat zag er keurig vloeibaar uit hoewel de thermometer -1º aangaf. Na met een vinger in dat bakje te hebben geroerd was het plots een klomp ijs! Dat water dacht dus dat het nog vloeibaar was, maar in feite was het al ijs. Onderkoeld noemen ze dat. Wanneer ik op dat moment een waterkraan zou hebben geopend, zou de hele waterleiding in een klap in ijs veranderd zijn". Verwant: drenkeling, man over boord en reddingvest.
Onderlosser
Onder stoom Uitdrukking uit het stoomtijdperk, maar nog steeds gebruikt voor motorschepen. Het schip is los van de wal of "anker op" en wordt mechanisch voortgedreven.
Onderwater toilet
(m.i.v. 2009 niet meer toegestaan)
Voor veel mensen onduidelijk. Wat is het verschil tussen een onder- en bovenwatertoilet? De naam is een beetje misleidend. Zowel een onder- als bovenwatertoilet lozen onder water. Een onderwatertoilet kan onder de waterlijn geplaatst worden (hoeft niet). Zowel aanzuig van spoelwater als afvoer van potinhoud gaat m.b.v. een pomp (hand of elektrisch). De fecaliën worden onherkenbaar weggewerkt en de afvoer kan e.v.t. aangesloten worden op een vuilwatertank.
Een bovenwatertoilet, meestal een zgn IJsselpotje, moet boven de waterlijn geplaatst worden omdat de afvoerbuis een open verbinding door het vlak heeft (niet geschikt voor zeilboten dus). Het spoelwater wordt weliswaar ook opgepompt, maar de potinhoud verdwijnt net als thuis door de zwaartekracht en spoelwater. De IJsselpotjes hebben bovendien een klep om de potafvoer (niet waterdicht) af te sluiten. Met een hendel doe je de klep open en weg is de drol, die daarna heel herkenbaar als "walstoter" boven komt drijven! Kan niet op een vuilwatertank. Zie ook winterklaar maken.
Een onderwatertoilet kan onder de waterlijn evenwel toch problemen opleveren. Het rubber kleppen- c.q. afsluitsysteem verliest na enkele jaren zijn veerkracht en goede werking, met als gevolg een vollopende, of nog erger, overlopende wc-pot. Zeilers weten dat en zullen onderweg de afsluiters pas openen bij gebruik van het toilet. Maar.., zelfs bij stilliggen kunnen de leidingen gaan hevelen. Uit veiligheidsoverweging kunnen aan- en afvoerslang met een ruime bocht ruim boven de waterlijn gevoerd worden, met e.v.t. een beluchter die hevelen voorkomt. In het aanvoergedeelte tussen pomp en pot en niet tussen huiddoorvoer en pomp. Deze oplossing is echter pas "waterdicht" wannneer de bocht dusdanig ver boven de waterlijn komt, dat bij op- en afstappen van de boot de bocht toch niet onder de waterlijn komt. Zodra dit n.l. wel gebeurt zal de beluchter geen soelaas bieden, want de omhoog komende waterkolom sluit de beluchter juist af. Kortom; vergeet deze noodgrepen en zorg dat de afsluiters ook bij stilliggen altijd dicht staan en vervang regelmatig het - niet voor niets - los verkrijgbare kleppensetje.
Onder zeil Uitdrukking voor een vaartuig dat varende is met gehesen zeilen zonder zijn machines te gebruiken.
Ongemanierd Een ongemanierd schip is een schip met slechte vaareigenschappen. Bij een zeilschip b.v. een verkeerd geplaatste mast en/of kiel waardoor het schip loefgierig of lijgierig is. Een slechte zeiler werd ook wel loggat genoemd. Bij een motorjacht b.v. een voortstuwing met teveel vermogen waardoor continue bijgestuurd moet worden. Of in het algemeen een schip waarvan de symmetrie niet klopt. Een schip dat zich voorbeeldig gedraagt noemt men "gemanierd" of bij de vellen gemanierd.
Ontdooi alarm koelkast Als bij een gasgestookte koelkast de gasfles leeg is gebeurt dat altijd op een moment dat je het niet merkt. Voor de doe-het-zelver is daar een handige oplossing voor. Sloop van de compressor van een afgedankte huis- tuin- en keukenkoelkast de thermische beveiligingsschakelaar. Draai het zeskantige moertje wat los waardoor hij ook bij lagere temperatuur werkt. Breng het schakelaartje zo'n anderhalve centimeter boven de warmteafvoerpijp van de koelkast aan en verbindt het met een enkelpolige (wip)schakelaar en zoemertje. De werking gaat als volgt. Voor aansteken van de koelkast eigen schakelaar aan. Zoemer werkt. Schakelaar uit. Koelkastbrander aan. Na een kwartier schakelaar aan. Indien goed gemonteerd geen zoemer. Als door welke oorzaak dan ook de brander van de koelkast uitgaat zal na een tijdje het alarm gaan werken.
Bron: A.H. Baggerman, Zwijndrecht
Ontluchten hydraulische besturing Een nieuw aangelegd hydraulisch besturingssysteem dient goed ontlucht te worden om hinderlijke vering/onnauwkeurigheid van besturing te voorkomen. Bij dubbele besturing zal bovendien bij warm weer door uitzetting van de lucht olielekkage door het ontluchtingsgaatje in de vuldop van de hoogste stuurpot optreden. Ontluchten doe je met twee personen. Eén bij de stuurstand (bij dubbele besturing de bovenste) en één bij de ontluchtingsnippels van de stuurcilinder onder in het schip. Op het commando "links" gaat de bovenste man naar links draaien en doet de onderste man het rechter nippeltje open. (tenzij de cilinder achter de roerkoning "contra" is gemonteerd) Hij draait de nippel dicht wanneer er alleen nog maar olie zonder gesputter uitkomt en roept dan "stop". Voor alle zekerheid dient dit met tussenpozen een paar keer herhaald te worden. Vervolgens is de rechterkant aan de beurt. Het kan geen kwaad de volgende dag te controleren als het systeem is uitgezakt. Als dat allemaal achter de rug is dient de bovenste pomp tot ongeveer 1cm onder de vuldop bijgevuld te worden.
Forumlid RonaldL gebruikt een wellicht betere methode. Hij schrijft:
"Plaats op de twee ontluchtingsnippels van de cilinder twee slangetjes. Plaats onder de cilinder een plastic bak. Doe olie in de bak. De uiteinden van de twee plastic slangetjes in de bak onder olieniveau. Door afwisselend links en rechtsom te draaien met het stuurwiel met al of niet gesloten of open ventieltjes kan je alle lucht uitblazen door het ene slangetje terwijl door het andere slangetje olie aangezogen wordt. Als je beide ventielen openzet en aan het stuurwiel draait, kan je zonder dat de zuiger beweegt het hele leidingsysteem "doorblazen" zonder dat er lucht ingezogen wordt".
Wanneer er na ontluchten op de hoogste stuurstand toch nog overloop plaatsvindt is het systeem te hoog afgevuld. Remedie: wegdeppen en verder niets meer aan doen. Het stopt vanzelf als het niveau op peil komt. Slechts in uitzonderlijke gevallen, b.v. bij zeer lange leidingen zal een expansievaatje noodzakelijk zijn.Verwant: dubbele besturingbalansroer, roeruitslag en uit koers.
Ontmeren Zie afvaren.
Onweer Zie bliksem.
Oogsplits Zie splitsen.
Oorgat
Ook wel doorgat. Waarschijnlijk een uitvinding van de Amsterdammer Hendrick de Keyser.
Vaste bruggen hadden in vroeger tijden in het midden een opening waardoor een schip met staande mast kon varen. Deze openingen noemde men oorgaten, die zich zodra er een mast tegenaan kwam, vanzelf openden.
De slimme werking ging als volgt:
Midden op de brug was een opening van pakweg een halve meter, afgedekt door twee houten klappen, die schuin tegen elkaar stonden. Aan de uiteinden bevond zich een naar buiten opwaarts gebogen ijzer als een gaffel. De schipper moest zijn mast in de gaffel zien te varen, waardoor de brugklappen omhooggedrukt werden. Als de mast gepasseerd was, vielen de klappen terug. Het manoeuvreren vergde heel wat stuurmanskunst, maar er waren altijd wel mensen op de brug die een handje wilde helpen door de mast in de goed richting te duwen. In Kampen waren tot 1914 nog twee bruggen met oorgaten en in Edam bestaat nog een buurt die Oorgat heet.
Oostindië vaarder
Opdraaien Een term die eigenlijk afkomstig is uit de zeilvaart en betrekking had op het wenden met vierkant tuig. In de binnenvaart was "opdraaien" het 180° draaien van voorstroom naar tegenstroom. In de tijd dat er nog geen radar bestond was dit afvarend op de rivier bij opkomende mist een hachelijke onderneming, waarbij het voorgeschreven geluidssein werd gebruikt en bij antwoord soms meerdere keren herhaald. Het geluidssein bestond uit een lange stoot, gevolgd door een korte (over stuurboord) of twee korte (over bakboord). De manoeuvre was vooral voor de slepen op de Rijn bepaald geen sinecure. De grote radersleepboten hadden de volle breedte van de rivier nodig. Inmiddels is deze term in de moderne Rijnvaart bijna verdwenen. Bij mist wordt gewoon doorgevaren en de duwcombinaties en grote motorschepen draaien niet meer op, maar komen indien nodig "kop voor" ten anker door middel van zware hekankers. Verwant: kop voor nemen.
Met dank aan Nico Deen, oud Rijnschipper, m/s Catharina II.
Opduwer
Openingstijden

Openingstijden van bruggen en sluizen zijn op de site van Rijkswaterstaat te vinden. Je kan daar een pdf-bestand downloaden of een applicatie starten (da's een programmaatje) waarmee gezocht kan worden op brug, sluis of vaarweg. Tevens zijn marifoonkanalen en telefoonnummers vermeld. De informatie wordt maandelijks ververst.

Openteren Het over de weeflijnen van het want naar mars en ra's klauteren. Omhoog klimmen dus. Zie ook uitenteren.
Opleiding De theorieopleiding voor het klein vaarbewijs is bij de motorbootvaarder wel bekend. Minder bekend is de mogelijkheid tot het volgen van een praktijkopleiding motorbootvaren. Gaandeweg zijn er steeds meer vaarscholen die zich daarmee bezig houden. De goeden geven naast theorie ook praktijklessen motorbootvaren volgens de CWO normen. CWO staat voor Commissie Watersport Opleidingen. Dit is het enige instituut dat zich met praktijkopleidingen zeil- en motorbootvaren bezig houdt en daarvoor normen heeft en diploma's, c.q. paspoorten uitgeeft. In de CWO zijn de ANWB, HISWA, het watersportverbond en Recron vertegenwoordigd. De meeste zeilvaarscholen zijn hierbij aangesloten. Ook voor het motorbootvaren heeft de CWO een aantal normen vastgelegd met enkele opleidingslijnen: CWO I+II staat voor beginners, CWO III staat voor gevorderden. Elke cursus stelt weer andere eisen aan de cursist. Zo zal een CWO III-er de "man over boord" oefening moeten beheersen, terwijl er aan een beginner uiteraard minder hoge eisen gesteld worden. Dit ligt allemaal vast. De CWO is gevestigd in Bunnik en is bereikbaar via deze link.
Praktijkvaarscholen motorboot:
Let op: Niet alle hieronder genoemde praktijkscholen werken volgens CWO normen.
Op de websites vind je ook nadere informatie over e.v.t. theorieopleidingen voor het examen klein vaarbewijs en/of marifoon.
- Alkmaar, Vaarschool MacNab, vaaropleidingen volgens CWO normen, praktijkles met een Kok motorgrundel van 13m. 0625-047631.
- Amsterdam: Vaarschool Grietje, CWO erkende motorbootpraktijklessen.
- Amsterdam: Hoevers Maritiem, diverse cursussen, w.o. zeilinstructie op kajuitjachten en manoeuvreerlessen met de motorboot.
- Diemen: Vaarschool Muste, praktijkles met een kajuitboot, tevens mogelijkheid tot lessen met een snelle motorboot.
- Goingarijp: Tienstra Organisatie Nautische Opleidingen, instructievaart van 2,5 uur in het Sneekermeergebied met een voormalige vlet van Rijkswaterstaat. Het schip is uitgerust met kompas, marifoon, radar, gps en dieptemeter. Er zijn max. 3 cursisten aan boord.
- Helvoirt: Van Iersel Nautische Opleidingen een cursusdag praktijkvaren met je eigen schip.
- Kerkdriel: Nautilus motorboot vaarcursussen CWO I+II+III.
- Kortenhoef: Laurens Leeuwenberg, basisles van een halve dag in een zware stalen motorsloep. Laurens geeft verder stoomcursussen vaarbewijs in Loenen a/d Vecht.
- Roermond: Big Easy, les met klassieke, goed uitgeruste, motorboot (vlet), CWO erkende vaarschool.
Compleet  programma met praktijkdiploma of maatwerk privé les. Tevens les op eigen boot mogelijk
- Roosendaal: Yachtconsult Watersportopleidingen, praktijkcursus manoeuvreren op eigen schip of lesschip. Men biedt ook een cursus "Motorbootvaren voor vrouwen" aan.
- Tilburg: Pleziervaartschool "de Treffer", praktijklessen varen voor cursisten kleinvaarbewijs I & II en andere belangstellenden.
- Warmond, Jan Haasnoot's Vaarcursus, praktijkles in een Van Wijk sloep of op eigen schip.
- Zeegse, MasterSailing, o.a. prive instructie op je eigen schip. Achteruitvaren, aanleggen en afvaren aan hoger en lager wal, keren in nauw vaarwater, met dwarswind de box in- en uitvaren. Veilig werken met lijnen, springen, schroef en roer.
Praktijkvaarscholen zeilen: zeilschool.pagina.
Oplopen Het inhalen en voorbijlopen van een ander vaartuig; zie ook oploper, koerskruiser of tegenligger en vaarregels. Denk er aan dat schepen die naast elkaar varen door de "terugstroom" naar elkaar toe worden gezogen. Schepen die elkaar ontmoeten, worden uit elkaar geduwd. Hoe groter het schip, hoe sterker het effect. Het in een kanaal oplopen van een vrachtschip kan voor een onaangename verrassing zorgen. Eenmaal naast het schip gekomen blijkt dat de terugstroom zo sterk is dat de inhaalpoging gestaakt moet worden. Verder kan het voorbijlopen van een klein schip in smal ondiep water ook vervelende gevolgen hebben. Door ondiepte aan de kant kan een enorme zuiging ontstaan, waarbij beide schepen nagenoeg onbestuurbaar worden. Vermijdt dit dus, het is slecht voor de oevers en onbehoorlijk tegenover de schipper van het opgelopen schip. In het algemeen kan gesteld worden dat een oploopmanoeuvre beperkt moet worden tot ruim water.
Oploper of hooploper was in de zeiltijd tevens de benaming voor een leerlingmatroos.
Opper Een beschutte plek aan hoger wal.
Opstapper Officieel een tijdelijk vervanger van een bemanningslid. In de pleziervaart iedere meevarende die de handen uit de mouwen steekt. Althans, dat belooft te doen. John Vermeulen omschreef een opstapper in zijn humoristische "Varensweeën" als: "Twee voeten die altijd precies daar staan waar jij de jouwe wil zetten, twee handen die met alle geweld willen helpen, een slecht ontwikkeld evenwichtsgevoel, een onverklaarbare opwinding om een paar druppels buiswater, en hoogst verbazingwekkende op- en aanmerkingen over varen in het algemeen...".
Op stootgaren liggen Klaar liggen om uit te varen. Ook wel slaags liggen, of nog ouder geparesseert liggen van het Franse être paré. De term komt uit de zeiltijd. Een schip lag op stootgaren als het zeil klaar was om onmiddellijk uitgehaald te worden. Het onderlijk was dan met dunne garens, de stootgarens, aan de ra vastgemaakt met de bedoeling om tijdens hijsen met een ruk af te kunnen breken.
Osmose Letterlijke betekenis: "Eenzijdige vloeistofstroom door een wand, waarbij twee vloeistoffen die zich aan weerskanten bevinden in verschillende mate worden doorgelaten". Polyester schepen worden meestal in lagen van buiten naar binnen in een mal opgebouwd. Het zwakke punt zit in de vakkundigheid (vroeger) waarmee dit gedaan wordt. Men begint met de buitenste afwerklaag, de gelcoat. Daarna volgen naar binnen toe de lagen met polyesterhars doordrenkte glasvezelmat, die handmatig (de hand lay-up methode) met een roller worden aangedrukt, zodanig dat geen luchtbelletjes achterblijven. Althans dat is de bedoeling. Een juiste temperatuur en luchtvochtigheid spelen hierbij een grote rol. Als dit niet optimaal gebeurt blijven minuscule luchtkamertjes over, die onder invloed van temperatuurwisseling kunnen uitzetten en krimpen en tenslotte barsten, waardoor vocht kan binnen komen. Ook denkt men dat de weekmaker styreen, die gebruikt wordt om de laminaatlagen langer te kunnen verwerken een belangrijker oorzaak kan zijn. Als dat in holtes voorkomt zou vocht voor een chemische reactie zorgen, waarbij zuren vrijkomen en gasvorming optreedt dat meer volume nodig heeft. Beter is de moderne methode van vacuüm geïmpregneerd laminaat, waardoor luchtinsluiting welhaast onmogelijk is. Toch kan nog steeds een verkeerde kwaliteit hars of gelcoat door te hoge vochtdoorlatende (hygroscopische) eigenschappen de boosdoener zijn.
Er zijn gespecialiseerde bedrijven die de huid kunnen "schillen" en de boot van een nieuwe gelcoatlaag voorzien, maar als de osmose dieper zit biedt dit geen soelaas. Osmose is dus bij bezitters van polyester schepen gevreesd en berucht, maarr... we spreken wel over een cosmetisch probleem, want zoals ons toenmalig forumlid Georges treffend zei: "Er is nog nooit één boot gezonken door osmose".
Zie ook "osmose-info" op Boatassist.
Otter
Overnaads
Overnaadse bouw wil zeggen dat de huidplanken van een schip dakpansgewijs over elkaar liggen, dit in tegenstelling tot de gladboordige karveelbouw. Overnaads werd ook wel aangeduid als rauwboordig, stamboordig, overzooms of overboordig. Op de afbeelding links de overnaads genagelde huid en rechts de gladde karveelbouw met afgeschuinde planken. Er was ook nog klinkerbouw. De overnaadse planken werden van sponningen of schuine liplassen voorzien, waardoor toch gebreeuwd kon worden en verder was er nog een tussenvorm waarbij de onderliggende planken afgeschuind werden zoals op de afbeelding. Het overlappend deel van een overnaadse gang wordt land genoemd.
Overstag Over een andere boeg gaan zeilen, "wenden". Bij het overstag gaan zwaait de giek dwars over het dek, hetgeen voor de schepelingen gevaarlijk kan zijn. De roerganger zal vooraf het klassieke commando "Klaar om te wenden!" als waarschuwing roepen, waarna op "Ree!" met als betekenis "Roer naar lij" de manoeuvre wordt uitgevoerd. Zie ook laveren en overstag met een zeegaand volschip.
Overstuur Overstuur varen = achteruit varen. Letterlijk betekent het "in de richting van het stuur" of "over het stuur" (roer). Achteruit dus.
Overtoom Een overtoom was een waterbouwkundige inrichting voor het op peil houden van een vaarwater en tevens geschikt om kleine schepen van het ene pand van een kanaal naar een ander hoger of lager gelegen pand over te brengen. Vaak werd gebruikt gemaakt van een spil met enorm grote draaiwielen waarmee het vaartuig met behulp van kettingen over de kruin kon worden getrokken. De voorloper van een schutsluis. Een variant was de waterpoort. Dit was een dwars in het vaarwater gelegde dam waarin een poort was gebouwd, waardoor een vaartuig van het ene kanaaldeel in het andere kon varen, zodra een verlaat werd geopend of schotbalken werden verwijderd [Me5].
De afbeelding toont op de voorgrond een schip dat over de overtoom wordt gehaald van de Kostverlorenvaart naar de Schinkel. Op de achtergrond met de grote draaiwielen de zogeheten kleine overtoom tussen de Kostverlorenvaart en de Slotervaart.

Prent van Reinier Nooms omstreeks 1650
Naast overtoom bestaat ook watertoom. Dat is echter een ander woord voor pispot.... :-)

 

Heel graag op- of aanmerkingen.

Op alle materiaal (layout, tekst en afbeeldingen) rust het auteursrecht van schipper Cees e.a.
Overname van artikelen of delen daarvan is slechts geoorloofd na schriftelijke toestemming.

Mocht je ondanks alle in acht genomen zorgvuldigheid menen rechten te kunnen ontlenen
aan in deze pagina gebruikt materiaal, laat de schipper dat dan zo spoedig mogelijk weten.

verantwoording