Dichtzet |


Paling wordt in Nederland meestal gerookt gegeten. De nog levende en zeer sterke paling (paling kan in zout en zoet water leven en langdurig zonder water) wordt in een bak sodawater gekieperd, waarmee het huidslijm wordt weggebrand en het beestje (volgens mij) niet te beschrijven pijn lijdt, dan zorgvuldig schoongespoeld (hij komt weer bij) en royaal met zout bestrooid. Men wacht dan tot de vis geen levensteken meer geeft. Dit alles is geen probleem, want volgens kenners heeft paling geen gevoel. Daarna wordt, terwijl de kop er nog aan zit en het beestje soms nog kronkelt (dat zijn volgens dezelfde "kenners" reflexen), de buik opengesneden en de ingewanden verwijderd, waarna de paling door het zachte deel van de kop aan een pen wordt geregen, om in de rookkast te belanden. Het probleem is dat bij een dooie paling (hoe krijg je 'm humaan dood) het slijm nauwelijks of niet te verwijderen is en de rookkleur niet goudbruin wordt, maar onverkoopbaar en onsmakeljk grijs blijft.
|